OOGST 24U MODAL SHIFT

Verslag van de 24-uurs cocreatiesessie over Modal Shift
Arendshoeve | 9 & 10 maart 2020

SAMENVATTING

Operationalisering van Modal Shift biedt veel kansen, maar is een taai vraagstuk: al twee decennia wordt met wisselend succes gewerkt aan de totstandkoming ervan – ondanks alle inspanningen van partijen als Topsector/Connekt Lean & Green en de Logistieke Alliantie heeft dit nog niet tot een échte doorbraak geleid.

De komende VenR opgave Rijkswaterstaat (vervangings- en renovatieopgave) in combinatie met nieuwe sustainability eisen (CO2, NOX) lijkt een perfect klimaat te creëren waarin dat nú wel mogelijk is – wat politiek ook ondersteund wordt door de Goederenvervoeragenda die minister Cora van Nieuwenhuizen afgelopen zomer aan de TK heeft gestuurd.

Dit vereist niet alleen intensieve samenwerking tussen partijen als Topsector/Connekt Lean & Green en de Logistieke Alliantie – gefaciliteerd vanuit een regierol van IenW –, maar ook eenduidigheid van focus, potentie, ambitie én aanpak.

In een recente ‘high level’ meeting modal shift (met alle aanbiedende partijen als Topsector/Connekt Lean & Green en de Logistieke Alliantie) – onder voorzitterschap van directeur-generaal Jan-Hendrik Dronkers – van 13 februari jl. hebben partijen zich gecommitteerd aan:

  • De opzet van een gemeenschappelijke programmatische aanpak voor de periode 2020-2025 voor de corridors O/ZO met de ambitie om dagelijks 2.000 TEU van de weg naar de binnenvaart te transformeren.
  • Vanuit een 3-tal kansrijke oplossingsrichtingen:
    1. Bundelen van alle vervoersbewegingen (‘varen in driehoekjes’): aan- en afvoer lege en beladen containers bij handels- en productiebedrijven met locaties dichtbij overslagterminals.
    2. Opzetten van frequente binnenvaart lijndiensten: hogere frequentie en variëteit van capaciteit voor zowel lege als beladen containers.
    3. Prioriteren en differentiëren: lege containers van de weg/uit de spits halen (o.a. versterken depotfunctie van overslagterminals.

Dit alles is in een 24u cocreatiesessie (9/10 maart | Arendshoeve Bergambacht) met veel enthousiasme ontvangen bij een 50-tal vertegenwoordigers uit de sector (ondernemers, overheden en hun kennis- en brancheorganisaties) waarbij men de handschoen heeft opgepakt om mét elkaar te komen tot een nadere invulling van een 10-tal voorgenomen projecten – passend in dit op te zetten programma. Dit programma zal in de komende periode door de 3 partijen (Topssector, Logistieke Alliantie(1), IenW) nader worden uitgewerkt. Tijdens de komende bijeenkomst van de ‘high level’ meeting modal shift (22 april) zullen al een aantal van de voorgenomen projecten worden besproken. Qua tijdslijn: nog voor de zomer moeten dit verder zijn uitgewerkt opdat nog deze Kabinetsperiode de eerste resultaten te zien zijn.

Dit verslag is de weerslag van deze 24u cocreatiesessie – waarin aan de hand van een brownpaper alle opbrengsten, ideeën en suggesties die moeten leiden tot het verzilveren van de ambitie (‘dagelijks 2000 TEU van de weg’) inzichtelijk zijn gemaakt.

(1) Logistieke Alliantie bestaat uit Evofenedex, VNO-NCW, TLN, MKB-Nederland, KVNR, Havenbedrijf Rotterdam, Havenbedrijf Amsterdam, ProRail, KNV goederenvervoer, VRC, Deltalinqs, ORAM, CBRB, BLN-Schuttevaer, ProRail, ACN, Waterbouwers Nederland, Bouwend Nederland en NVB.

Oogst 24u cocreatiesessie verpakt in brownpaper

Toelichtende blog brownpaper
(Hans Bakker, Dirk-Jan de Bruijn, Michiel Jak)

INHOUD

  1. 24u cocreatiesessie Modal Shift
  2. Het waarom?
  3. Goederenvervoer-agenda
  4. Ambitie en oplossingsrichtingen
  5. Valuecase
  6. VenR opgave Rijkswaterstaat
  7. Oplossingsrichtingen
    1. Bundelen
    2. Lijndiensten
    3. Prioriteren en differentiëren
  8. Voorbeelden
  9. Opgehaalde resultaten en acties
  10. Organisatie/governance
  11. Deelnemers

1. Inleiding: 24u cocreatiesessie 

Binnen de door minister Cora van Nieuwenhuizen aan de Tweede Kamer gestuurde ‘Goederenvervoeragenda’ (juli 2019) is er voor het thema Integrale goederencorridors de verkenning van een stimuleringsregeling ‘verplaatsen van containervervoer van weg naar water’ afgesproken.

Hierbij wordt aansluiting gezocht bij het MinderHinder programma dat als doel heeft om overlast tijdens de grootschalige Vervangings&Renovatie opgave van Rijkswaterstaat (VenR) de komende jaren te minimaliseren.

De stimuleringsregeling ‘Modal Shift’ richt zich specifiek op het containerwegtransport en de modal shift naar binnenvaart op het Nederlandse deel van de Oost en Zuid-Oost corridors (Rotterdam-Arnhem respectievelijk Venlo). Het doel is daarbij dat de effecten van de regeling ook na de looptijd ervan (periode 2020-2025) nog merkbaar zijn door een blijvende verplaatsing van vracht van de weg naar de binnenvaart.

We focussen op containervervoer omdat deze ladingsstroom goed te shiften is. Aangezien er specifiek naar de shift van weg naar binnenvaart wordt gekeken, ligt de interessante afstand waarover de containers worden vervoerd typisch tussen de 75 en 200 kilometer.

De scope van de regeling is nauw. Ook spoor en short sea kunnen als doelmodaliteit bij een modal shift vanaf de weg fungeren. De scope van de regeling is voorals echter beperkt tot die van de binnenvaart als doel modaliteit. Ook modal shift buiten de corridors worden in de Goederenvervoeragenda niet genoemd als een beoogde activiteit van de regeling. Bij de ontwikkeling wordt daarbij ook een groeimodel gehanteerd waarbij eerst gekeken wordt naar de mogelijkheden en positionering van de modal shift naar de binnenvaart voordat ook naar andere opties wordt gekeken.

Dit heeft ook te maken met de complexiteit van het veld, de mogelijke modal shift-acties en de betrokken partijen, zoals Lean&Green Offroad, Topsector Logistiek, de Logistieke Alliantie,  EvoFenedex, Havenbedrijven, logistiek makelaars, Green Deals en provinciale overheden. Afstemming met deze initiatiefnemers is cruciaal – om zo te komen tot een eenduidige blik op dit speelveld ten aanzien van:

  • aard, omvang en potentie van het vraagstuk
  • eerste contouren van de regeling (karakter en type van de interventies)
  • voorstel voor een gemeenschappelijke ambitie
  • wijze van organiseren (‘wie doet wat’)

High level Modal Shift

Die afstemming heeft plaatsgevonden in een 1e zgn. ‘high level modal shift’ meeting (13 februari jl.) onder voorzitterschap van directeur-generaal Jan Hendrik Dronkers (IenW) waarbij alle relevante aanbiedende partijen  de volgende afspraken hebben gemaakt:

  • een gedeeld beeld te hebben qua cijfers (eenduidigheid in beeld), potentie (wat is mogelijk) én ambitie (stip op de horizon): om groei van het aantal voertuigverliesuren op de Corridors O/ZO de komende jaren beperkt te houden, moeten er 2.000 TEU’s dagelijks uit de spits worden gehaald.
  • met daarin helderheid over de kansrijke oplossingsrichtingen: aangrijpingspunten voor de regeling zijn: 1) bundeling en verwaarden van alle vervoersbewegingen (‘varen in driehoekjes’) | 2) opzetten van frequente binnenvaart lijndiensten | 3) lege containers van de weg halen.
  • om dan ook te kijken hoe we het gaan organiseren mét elkaar (‘wie-doet-wat’), voorzien van goed geoliede verbindingen: grootste impact wordt bereikt indien niet alleen de koplopers maar ook de grote groep volgers (‘followers’) wordt geactiveerd en voorzieningen die vanuit de regeling worden gefinancierd moeten voor iedereen toegankelijk zijn.
  • met een duidelijke regierol voor IenW in komende periode (waarbij regie betekent: realiseren van verbindingen gericht op elkaar inspireren en versterken – om zo samen die ambitie van ‘dagelijks 2000 TEU’ te gaan fiksen; en regie betekent niet: ‘de baas spelen’).

Samen én snel

Dát is de basisformule achter een 24-uurssessie: een sessie waarin je in korte tijd met een 50-tal ondernemers en professionals met elkaar tot grote hoogte kunt komen. Een 24-uurssessie is gericht op de verzilvering van de combinatie van drie elementen: denkkracht, draagvlak én gedeeld eigenaarschap. Eerder hadden we – met succes – al ervaring opgedaan met deze aanpak (Truckplatooning 2016, Innovatiecentrale 2017, Connected Transport 2018, MONO 2020). Want zeg nou zelf: als je daar zo met elkaar aan de slag bent, gezamenlijk gericht op de concretisering van dat gemeenschappelijke hogere doel – dat creëert een bijzondere band. Niet in de laatste plaats omdat het Modal Shift vraagstuk zo taai en ingewikkeld is dat de ervaring uit de praktijk absoluut cruciaal is om te komen tot kansrijke en schaalbare oplossingen. Zéker als daar voldoende ruimte en respect is voor individuele belangen – passend binnen die gemeenschappelijke doelstelling (‘de beste driver voor samenwerking is eigen belang, maar graag wel passend in dat gemeenschappelijke hogere doel’).

Niet moeten, maar willen

Bij de opzet van het programma hebben we ons laten leiden door de ‘Golden Circle’ van Simon Sinek, een krachtig model dat een stimulans geeft voor inspirerend leiderschap. In de woorden van Sinek zelf:

  • People don’t buy what you do, they buy why you do it.’
  • ‘If a leader can’t clearly articulate why the project exists, then how does (s)he expect the employees to know why to come to work?’

Bij de Golden Circle gaat het om denken vanuit de ‘bedoeling’ (‘progress doesn’t start with technology but with a problem to solve’). Waarom deden we het ook alweer? Wat zijn je drijfveren om hieraan mee te doen? Hoe ga jij je eigen rol en verantwoordelijkheid pakken en hoe kunnen wij jou daarbij faciliteren? Anders gezegd: het gaat niet om moeten, maar om willen.

Verpakt in een brownpaper

Om gedurende die 24 uur de oogst maximaal vast te houden, hebben we alle relevante inhoud verpakt in de vorm van een tien meter lange brownpaper. Deze bijzondere opbrengst van de 24-uurssessie is daarbij fraai geïllustreerd door ‘onze’ tekenaar Ruud van Reijmersdal, onder het motto: ‘a picture says more than a thousand words’. Met als niet onbelangrijke bijvangst: zo ontstond een schitterend hulpmiddel om in een strakke 10-tal minuten de oogst van een etmaal toe te lichten elkaar in aanwezigheid van Logistieke Alliantie-voorzitter Steven Lak.

Afdronk, ambities en acties

In dit bijgevoegde videoverslag hebben we geprobeerd om alle relevante ideeën, suggesties en brainwaves van de 24-uurssessie zo goed mogelijk weer te geven. Als blijkt dat er elementen ontbreken of nuances nodig zijn, dan horen we dat graag.

Start van een beweging

De 24-uurssessie is de start van een beweging, een community met de ambitie om mét elkaar tot grote hoogte te komen. Met de blik vooruit om gezamenlijk het wenkende perspectief te verzilveren: dagelijks 2000 TEU van de weg. Met een resultaat van ruim 1000 TEU per dag van de weg af in de vorm van benoemde projecten is ook een eerste belangrijke stap hierbij gezet. Wij hebben bij alle deelnemers een meer dan aanstekelijk enthousiasme geproefd. Juist dát geeft ons het volste vertrouwen dat we dit ook mét elkaar gaan realiseren! Samen willen we de benoemde projecten ook verder uitwerken en in de praktijk tot uitvoering brengen. In een nieuwe ‘high level meeting’ o.v.v. directeur-generaal Jan-Hendrik Dronkers (22 april) wordt dit prominent geagendeerd.

Tot slot: de bijdrage van alle deelnemers – in alle openheid en vertrouwen – was meer dan bijzonder. Een etmaal vrijmaken uit werk of privé-agenda is niet niks. Kort & goed: absoluut hulde voor alle participanten!

Dirk-Jan de Bruijn
Adriaan Zeillemaker
17 maart 2020

2. HET WAAROM?

Twee belangrijke redenen.:

  1. Rijkswaterstaat gaat in de komende periode hard aan de slag met de uitvoering van de vervangings- en renovatieopgave (VenR). Dit betekent dat de capaciteit van de corridors langdurig hinder gaan ondervinden – wat aanzienlijke gevolgen zal hebben voor de doorstroming.
  2. Aangescherpte sustainability-eisen vanuit het klimaatakkoord (CO2, NOX).

Klik op de afbeeldingen om te vergroten

3. GOEDERENVERVOER-AGENDA

Succesvol ondernemen in Nederland valt of staat met een kwalitatief hoogwaardige logistieke dienstverlening. Met het opslaan, overslaan, aan- en afvoeren van grondstoffen, halffabricaten en eindproducten, van en naar binnen- en buitenland, vormen goederenvervoer en logistiek belangrijke pijlers van de Nederlandse economie. Het Nederlandse bedrijfsleven heeft mede dankzij ons sterke logistieke systeem en goede infrastructuur een goede uitgangspositie om in Europa en mondiaal een belangrijke rol te blijven spelen. Dit is echter niet gegarandeerd. Ontwikkelingen als internationale concurrentie, klimaatverandering, circulaire economie en automatisering en digitalisering stellen het logistieke systeem voor grote uitdagingen, maar brengen ook kansen met zich mee. Op basis van deze uitdagingen hebben IenW, de topsector Logistiek en de Logistieke Alliantie het gezamenlijke ambitiedocument ‘Logistiek en Goederenvervoer in 2050; concurrerend, duurzaam en veilig’ opgesteld dat als basis dient voor een gezamenlijke – samenhangende en complementaire – inzet op Goederenvervoer en Logistiek in de komende jaren.

Mede op basis van de ambities uit dit gezamenlijk opgestelde document brengt IenW met de Goederenvervoeragenda samenhang in het goederenvervoer- en logistieke beleid en stelt het prioriteiten voor de beleidsinzet in de komende jaren. Het ministerie sluit daarbij aan op bestaande beleidsinzet via het Maatregelenpakket spoorgoederenvervoer, de Digitale Transportstrategie en de inzet op de Topsector Logistiek. Daarnaast ontwikkelt de Goederenvervoeragenda een extra inzet op een multimodaal gebruik van de infrastructuurnetwerken.

Naast de reeds beoogde investeringen in weginfrastructuur wordt met de Goederenvervoeragenda gericht ingezet op het verplaatsen van transport van goederen over de weg naar spoor, water en buisleidingen waar nog capaciteit op de netwerken beschikbaar is. Dit draagt bij aan een veiliger en duurzamer transportsysteem. Dit actieprogramma wordt de komende jaren stapsgewijs verder ingevuld in samenwerking met het bedrijfsleven via de Logistieke Alliantie, de topsector Logistiek en andere overheden.

De Goederenvervoeragenda beschrijft vier prioritaire thema’s voor een integraal goederenvervoer- en logistiek beleid:

  • Digitaal transport richt zich op de realisatie van papierloos transport in alle transportmodaliteiten, digitale samenwerking tussen overheden zodat overheden en bedrijven informatie kunnen uitwisselen en overheidsdienstverlening verbetert en een toekomstbestendige basis data infrastructuur (BDI) om multimodaal transport mogelijk te maken.
  • Duurzaam Goederenvervoer en Logistiek zet in op het beperken van de belasting van het goederenvervoer en logistieke processen voor het klimaat, de luchtkwaliteit en de leefomgeving.
  • Duurzame en efficiënte stadslogistiek richt zich op een samenhangende aanpak voor stadslogistiek om de belasting van het klimaat te beperken en een sterke verbetering van het leefklimaat en de luchtkwaliteit in de stad te realiseren met een betere doorstroming
  • Integrale Goederencorridors bouwt voort op de goede ervaringen uit het Programma goederenvervoercorridors Oost en Zuidoost, waarin met optimale inzet van de verschillende modaliteiten wordt bijgedragen aan doelstellingen op het terrein van veiligheid, bereikbaarheid en duurzaamheid. De acties onder dit thema richten zich op de ontwikkeling van een hands-on programma voor modal shift, onder andere met een onderzoek naar de potentie die buisleidingen daaraan kunnen bijdragen, verkennen van een stimuleringsregeling voor het verplaatsen van containervervoer van weg naar water en een onderzoek naar een aanpak voor een goederencorridor Zuid (Amsterdam-Rotterdam-Antwerpen), naast de corridors Oost en Zuidoost.

4. AMBITIE EN OPLOSSINGSRICHTINGEN

Focus
  • Containers
  • Van de weg naar de binnenvaart
  • Corridors ZO (R’dam-Venlo) en O (R’dam-Arnhem/Nijmegen)

Ambitie: dagelijks 2.000 TEU van de weg naar de binnenvaart

 

 ‘If you can tune into your purpose and really align with it, setting goals so that your vision is an expression of that purpose, then life flows much more easily’
(Jack Canfield)

 

Om een goed instrumentarium van maatregelen en oplossingsrichtingen te kunnen ontwikkelen, moet helder zijn wat de grootte van het op te lossen probleem is. Daarom hebben we berekend hoeveel vrachtwagens (en dus TEU) er van de weg af moeten. Dit om de verwachte natuurlijke groei (±25% in de komende 5 jaar) én de extra overlast door de VenR wegwerkzaamheden te compenseren. De ambitie komt op zo’n 2000 TEU/dag van de weg te halen indien je volledig met vrachtwagens met containers het probleem zou willen oplossen. Nauwkeurig gezegd zou het 2000 TEU uit de spitsen moeten zijn omdat daar de congestie echt plaatsvind in de tijd en VoertuigVerliesUren (VVU) veroorzaakt. Echter zullen er ook personenauto’s en andere vrachtwagens van de weg worden verleid om anders te reizen in modaliteit, route en tijd zodat het probleem niet alleen door containerritten hoeft te worden opgelost. 2000 TEU van de weg shiften naar barge is daarmee een significante bijdrage aan de oplossing.

In de grafiek is te zien wat het effect is op het aantal VVU met en zonder de 2000 TEU van de weg te halen. Let op: de 23% groei in VVU is door natuurlijke groei van het wegverkeer en exclusief VenR!

Tenslotte zien we uit de analyses van Panteia dat 1500 TEU per dag kostenneutraal kan worden geshift. De drie voorgestelde oplossingsrichtingen moeten er voor zorgen dat het ook daadwerkelijk gaat gebeuren. Aan de gepercipieerde extra kosten ligt het in veel gevallen dus niet.

Klik op de afbeeldingen om te vergroten

5. VALUE CASE

Waarom een Value Case?

Publieke en private partijen hebben vanuit hun rol, maatschappelijk positie of business- en verdienmodel een bepaalde kijk op de wereld en dus ook op de waarde van Modal Shift. Door die achtergronden en verschillen van kijken is het soms lastig om elkaar te begrijpen en te bereiken. En dat is nodig om gezamenlijke resultaten te boeken.

Een Value Case geeft beknopt antwoord op de vraag: what’s in it for us all? Dus de waarde van Modal Shift op het niveau van de maatschappij of de BV Nederland. Het grote verschil met een business case is dat die antwoord geeft op de vraag: what’s in it for me? Dat speelt op het niveau van een individuele private of publieke organisatie.

Klik op de afbeeldingen om te vergroten

Vanuit de praktijk van Modal Shift zijn ook factoren in kaart gebracht die het realiseren van “waarde” belemmeren. Die zijn geformuleerd als “knoppen”; slagen stakeholders er in om die belemmeringen weg te werken dan leidt dat tot verhoging van de maatschappelijke waarde.

Tot slot is ook gekeken naar de effecten wanneer stakeholders er in slagen om de extra congestie door het VenR opgave te neutraliseren. Dit levert een eerste indicatie van de behaalde maatschappelijke waarde en ook van de effecten voor de binnenvaart en het wegtransport.

6. VenR Rijkswaterstaat

De komende jaren vervangt en renoveert Rijkswaterstaat meer dan 100 bruggen, tunnels, sluizen en viaducten. Veel daarvan zijn gebouwd in de jaren 50 en 60 en dringend toe aan een opknapbeurt. Daarmee staan we voor de grootste onderhoudsopgave in onze geschiedenis.

Om te beginnen gaat het om een enorme diversiteit aan kunstwerken in het droge én natte areaal. Variërend van bruggen, wegfunderingen en geluidsschermen tot sluizencomplexen en tunnels. Bovendien beslaat de opgave verschillende netwerken en regio’s én brengt het werk enorm veel disciplines en activiteiten samen.

De werkzaamheden variëren ook nog eens in omvang en complexiteit. Van relatief eenvoudige renovaties van installaties tot complete bruggen die we moeten vervangen.

We praten dan over zo’n 40 projecten, meer dan 130 objecten en een verwacht budget van zo’n € 1,5 miljard. De komende tientallen jaren zal deze opgave voor een continue werkstroom zorgen, náást de reguliere onderhouds- en aanlegopgave.

LINK: projecten-programma-vervanging-en-renovatie.pdf

7. OPLOSSINGSRICHTINGEN

7.1 OPLOSSINGSRICHTING BUNDELEN

Er gebeurt al veel op het gebied van ladingsbundelen door met name de verladers op de voordelen van andere modaliteiten dan de weg te wijzen en voor te rekenen. Steven Lak liet in zijn presentatie zien dat evofenedex, de logistiek makelaars en de Connekt Lean&Green Off-Roadrunners goed in de haarvaten van het logistiek systeem actief zijn. Dicht bij de logistieke spelers in het veld, variërend van MKB tot grote multinationals. Er zijn echter verschillen in aanpak en geen afgestemde benadering van de markt, daar is regie op nodig.

Klik op de afbeeldingen om te vergroten

7.2 OPLOSSINGSRICHTING LIJNDIENSTEN

Er is reeds een aantal bargelijndiensten operationeel, met name de West Brabant Corridor is een goed werkend initiatief van de terminals Oosterhout, Tilburg en Moerdijk van en naar Rotterdam MV2. De frequentie moet echter omhoog om een waardevol product te kunnen bieden en ook afvaarten van andere terminals zijn noodzakelijk. Paul Goris benoemde een aantal knelpunten in zijn pitch.

Klik op de afbeeldingen om te vergroten

7.3 PRIORITEREN EN DIFFERENTIËREN

Prioriteren en differentiëren gaat er om dat dié containers worden vervoerd op de wijze die goed is voor het transportsysteem. Dat wil zeggen dat containers die minder spoed hebben op basis van hun lading (zoals bijvoorbeeld lege containers) buiten de spits worden vervoerd of liefst helemaal niet over de weg.

Daarnaast moet er worden gehandhaafd op overbeladen vrachtwagens. Deze veroorzaken én een oneerlijk speelveld én buitenproportionele schade aan het wegdek. Tenslotte kan de vrachtwagenheffing eventueel ook sturen op de modal shift en de juiste prioritering op de weg.

Klik op de afbeeldingen om te vergroten

8. VOORBEELDEN

CASUS HEINEKEN-CCT

Huidige situatie: Heineken laat haar containers gevuld met bier nu van de brouwerij in Zoeterwoude via het Alpherium naar Rotterdam varen. Zeven kleine schepen/dag van 100 TEU, 1.000 afvaarten per jaar. Lege containers worden van Rotterdam naar Alpherium teruggevaren. Nieuwe bierflessen worden per vrachtwagen van Moerdijk (glasfabriek) naar de brouwerij in Zoeterwoude gebracht.

Probleem van CCT Moerdijk als onderdeel van de West-Brabant Corridor (WBC) is dat er veel lege containers terug naar Rotterdam moeten: 200.000/jaar vol van Rotterdam naar CCT en 150.000 leeg terug (resterende

50.000 gaan naar Duitsland). Terugbrengen van de lege containers maakt het onrendabel voor de barge.

Nieuwe situatie: laat alle lege containers van WBC (= terminals Oosterhout, Tilburg en Moerdijk | 50.000/jaar) van Moerdijk naar Alpherium varen. Dit elimineert retourstroom (over de weg) van lege containers naar Rotterdam.

Wat jaarlijks 100.000 ritten van de weg scheelt. Er wordt als het ware een driehoekje gemaakt: volle Heineken-containers van Alpherium naar Moerdijk, volle containers van Rotterdam naar Moerdijk, lege containers van Moerdijk naar Heineken, daar weer vullen, etc. Dit voorkomt ook lege containers van Rotterdam terug naar Heineken.

CASUS MCCAIN- KLOOSTERBOER

Huidige situatie: McCain produceert frites in Lewedorp (Zeeland), centraal warehouse Noord-Europa (vrieshuis) wordt door Kloosterboer geopereerd in Lelystad. (4.500 ritten per truck/jaar | route: Zeeland-Lelystad). Daarnaast jaarlijks 2.500 ritten vanuit Rotterdam naar Lelystad om de containers te laden.

De verwachting is dat er later op deze corridor ook nog andere producten in containers vervoerd gaan worden die ook geplugd moeten worden. (Uien/zuivel). Dit zullen op jaarbasis zo’n 4.000 containers zijn – die momenteel over de weg gaan.

Nieuwe situatie: reefercontainers gebruiken voor transitie ‘frites express’-transport, route: Lewedorp (Zeeland)-Lelystad. Vanuit Vlissingen een barge (met plugs) met de ‘frites express’ containers laten varen (i.s.m. Honkoop Barging). Vervolgens gaan de volle exportcontainers vanuit Lelystad weer naar Rotterdam. Twee barges doen de lijndienst. Betrokken partijen: Kloosterboer, McCain, verladers uien en aardappelen, containereigenaar, Honkoop Barging (rederij), terminal Alblasserdam (CTU, BCTN), wegbeheerders RWS en provincies Zeeland/Z-Holland (verminderd weggebruik). Gaat om minstens 20.000 ritten van 250 km = 5 miljoen km, 10 ton per rit, 0,064kg/ton.km = 3.200 ton CO2 besparing (bedragen per jaar).

CASUS BUREAU VOORLICHTING BINNENVAART

Miranda Volker liet zien dat met name reefercontainers interessant zijn voor de modal shift naar binnenvaart. Reefers zijn duur, vaak met versproducten en vereisen een hoge omloopsnelheid. Keten moet dus optimaal en seamless zijn, incl NVWA inspecties.

Klik op de afbeeldingen om te vergroten

9. OPGEHAALDE RESULTATEN EN ACTIES

In de groepsopdrachten is in vooraf samengestelde groepen gewerkt aan de drie oplossingsrichtingen. Ronde 1 ging over de huidige stand van zaken:

  1. Waarom gaat het zoals het gaat? (wat zijn de belangrijkste blokkades in infra, technologie, regels, samenwerking?)
  2. Hoe kan het opschalen/verbeteren? (denk ook aan de andere oplossingsrichtingen)

In ronde 2 kon de groepssamenstelling worden aangepast om beter aan concrete oplossingen te kunnen werken.

  1. Wat is er nodig om de blokkade op te heffen? (wat zou een regeling moeten oplossen?)
  2. Als de blokkade is weggenomen, wat gaat er dan gebeuren? (zowel kwalitatief als kwantitatief)
  3. Welke concrete projecten en bijdrage aan de doelstelling? (2000 TEU per dag uit de spitsen)

Na iedere ronde is er per groep een pitch gegeven over het behaalde resultaat. Aan het eind zijn de concrete projecten of acties benoemd, inclusief de betrokken partijen en de bijdrage aan de ambitie (barometer). De tekeningen geven een impressie van de oplossingen. In de tabel zijn alle belangrijke gegevens verzameld.

Klik op de afbeeldingen om te vergroten

10. ORGANISATIE/ GOVERNANCE

Hoe krijgen we het slim georganiseerd?

We beginnen zeker niet met een blanco pagina: er loopt al het nodige. Waarin partijen als Topsector/Connekt lean & green én de Logistieke Alliantie actief zijn. Máár om die gewenste doorbraak te kunnen realiseren moet de samenwerking tussen alle bestaande partijen beter worden georganiseerd. Voorzien van een gemeenschappelijke ambitie en aanpak – waarin glashelder is wie wat doet.

Omdat alles effectief en slim georganiseerd te krijgen pakt IenW de regierol op – nadrukkelijk zonder de ‘baas’ te spelen. Gericht op verbinding, versterking én synergie plus monitoring (steeds in relatie tot ‘onze’ gemeenschappelijke ambitie van dagelijks 2000 TEU van de weg > binnenvaart). Waarbij de ‘sterke merken’ als Topsector/Connekt lean & green, Logistieke Alliantie in de lead zijn: zij zijn de frontoffice.

High Level Modal Shift

Met de 1e high level meeting modal shift (13 februari) waarbij alle relevante ‘aanbiedende partijen’ bij elkaar zijn geweest onder voorzitterschap van directeur-generaal Jan-Hendrik Dronkers (IenW) is daarmee een start gemaakt. Op 22 april is de 2e high level meeting modal shift ingepland – waarbij ook een paar van de gepresenteerde projecten (uiteraard verder uitgewerkt) geagendeerd kunnen worden.

Achter de schermen gaan we werken aan de inrichting van de governance, onder meer middels een werkteam of kernteam (o.l.v. Dirk-Jan de Bruijn) en duidelijke afstemming in de 3hoek IenW (Jan-Hendrik Dronkers), Topsector Logistiek (Wando Boevé) en de Logistieke Alliantie (Steven Lak) – inclusief de koppeling/inbedding met bestaande overlegstructuren zoals Bestuurlijk Overleg Logistiek.

LINK: Ambitie-2025-tweeduizend-containers-van-weg-naar-water.pdf

11. DEELNEMERS

‘It’s amazing what you can accomplish if you don’t care who gets the credits’
(Harry S. Truman)

Participanten
ABC Logistics | Marcel van Bruggen
ABN AMRO | Bart Banning
Anda | Jacob Verdonk
BCI Global | Kees Verweij
Bureau voor voorlichting Binnenvaart | Miranda Volker
CBRB | Paul Goris
CCT Moerdijk | Luc Smits
Connekt/Lean and Green off road | Frans van den Boomen
Connekt/Lean and Green off road | Harsha Dijk
Container Terminal Doesburg | Bastiaan Litjens
Danser Group | Ben Maelissa
ECT | Rob Bagchus
EICB | Khalid Tachi
Evofenedex en logistiek Makelaar N-B | Ton Mooren
Frigo Breda | Erik Janse
Heineken | Harry Werkman
HTS Group | Leonie van Dommelen
HTS Group | Henk Heuvelman
Kerry Logistics | Bianca Verschoor
Kloosterboer | Fred Compeer
Koninklijke BLN-SCHUTTEVAER | Cornelis van Dorsser
Koninklijke BLN-SCHUTTEVAER | Dominic Schreijer
KVNR | Annet Koster
Logistiek Makelaar | Michel Oldenburg
Logistieke Alliantie | Steven Lak
MCA Brabant | Hendrik-Jan van Engelen
Min IenW | Lisa Mulder
McCain | Ronald Dees

Min IenW | Adriaan Zeillemaker
Min IenW | Luc de Vries
Neska Container Line | Hans Buytendijk
NPRC | Stefan Meeusen
Port of Moerdijk | Dieuwke Piebenga
Port of Rotterdam | Matthijs van Doorn
Port of Rotterdam | Arwen Korteweg
Provincie Gelderland | Christiaan Zweers
Projectleider Logistiek van Zuid-Limburg Bereikbaar | Mark Luikens
Provincie Zuid-Holland | Gerard Wesselink
Rietveld Logistics Group | Arie Rietveld
Rijkswaterstaat | Loes Aarts
Rijkswaterstaat | Nathaly Dasburg
Rijkswaterstaat | Huib de Jong
RVO | Maurice Luijten
TEUbooker | Frans Swarttouw
TLN | Jeroen de Rijcke
Topsector Logistiek | Wando Boevé
Traba Logistics | Johan de Bot
van Berkel Logistics | Michel van Dijk
Van Donge & De Roo | Dennis de Roo

Team Modal Shift
Min IenW | Hans Bakker
Min IenW | Dirk-Jan de Bruijn
Min IenW | Michiel Jak
Min IenW | Jos Holtus
Panteia | Wouter van der Geest
Panteia | Rob de Leeuw van Weenen
Getting the picture | Ruud van Reijmersdal

Colofon

  • Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, Topsector Logistiek en Logistieke Alliantie
  • Secretariaat: Merel Van Beekum | 06-20413524 | merel.vanbeekum@rws.nl