We werken aan een vernieuwde merkidentiteit.

Logo TSL

Grenscontrole van reefers: kunnen officiële controles dichter bij het achterland plaatsvinden?

ToepassingsgebiedenMultimodaal Goederenvervoer

Importcontainers met veterinaire lading, zoals dieren en dierlijke producten, moeten in Nederland bij binnenkomst in de Europese Unie worden gecontroleerd bij een grenscontrolepost (GCP). In de praktijk betekent dit dat reefers in de Rotterdamse haven worden gecontroleerd. Dit leidt tot congestie, extra wegvervoer en hogere CO₂-uitstoot.

Topsector Logistiek onderzocht welke mogelijkheden de Europese en Nederlandse regelgeving biedt om officiële controles op een andere locatie uit te voeren, bijvoorbeeld in Moerdijk.

Doel

Het doel van het onderzoek was om inzicht te krijgen in de juridische mogelijkheden voor decentrale grenscontroles van reefers. Daarbij is gekeken naar de voorwaarden voor grenscontroleposten, inspectiecentra en controlepunten buiten de plaats van binnenkomst.

Ook is de Nederlandse situatie vergeleken met de praktijk in België, waar containers vanuit Antwerpen per binnenvaart naar Gent worden vervoerd voor officiële controles.

Inhoud

De analyse richt zich op Verordening (EU) 2017/625 en de bijbehorende gedelegeerde verordeningen. Het onderzoek brengt drie mogelijke routes voor controles buiten de GCP van eerste binnenkomst in kaart:

  • controle in een aangewezen inspectiecentrum;
  • controle bij een andere GCP na overlading;
  • controle bij een aangewezen controlepunt buiten een GCP.

Daarnaast is onderzocht onder welke voorwaarden een locatie als Moerdijk kan worden aangewezen als grenscontrolepost.

Resultaten

Uit het onderzoek blijkt dat officiële controles van dierlijke producten buiten de GCP van eerste binnenkomst juridisch mogelijk zijn wanneer sprake is van overlading en de goederen bij een andere aangewezen GCP worden aangeboden. Die GCP moet wel in de onmiddellijke nabijheid van een punt van binnenkomst in de Europese Unie liggen. Omdat Moerdijk een zeehaven is die rechtstreeks toegankelijk is voor zeeschepen, kan de locatie in beginsel voor aanwijzing als GCP in aanmerking komen.

Voor inlandterminals die geen zeehaven zijn, biedt deze route geen oplossing. De aanwijzing van een GCP is bovendien geen automatisme. De NVWA beoordeelt ook de doelmatigheid en operationele haalbaarheid.

Voor planten en plantaardige producten bestaan ruimere mogelijkheden. Deze producten kunnen onder voorwaarden buiten een GCP worden gecontroleerd. Voor dierlijke producten is daarvoor aanpassing van de Europese regelgeving nodig.

De conclusie van het rapport: een route via een aangewezen GCP in Moerdijk biedt juridisch ruimte om controles van in Rotterdam overgeladen reefers dichter bij het achterland uit te voeren. De haalbaarheid hangt vervolgens af van aanwijzing door de NVWA en een overtuigende onderbouwing van de efficiëntie, uitvoerbaarheid en beheersing van risico’s.